Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
verzoekerV-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. M.O. Wattilete),
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld omdat verweerder niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Op 15 april 2024 heeft verweerder alsnog een inwilligend besluit genomen. Naar aanleiding hiervan heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om proceskostenvergoeding. Verweerder heeft niet gereageerd op dit verzoek.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:54 Awb Pro zonder zitting uitspraak gedaan. Volgens artikel 8:75a Awb kan de rechtbank bij intrekking van het beroep, indien het bestuursorgaan aan het verzoek tegemoetkomt, het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten. De rechtbank acht het verzoek kennelijk gegrond en hanteert een wegingsfactor van 0,5 vanwege het lichte gewicht van de zaak.
De proceskosten worden vastgesteld op €437,50, gebaseerd op een puntwaarde van €875,- en de genoemde wegingsfactor. Er zijn geen overige kosten gemaakt die vergoed kunnen worden. De uitspraak is gedaan door rechter A. Skerka op 10 mei 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €437,50 aan proceskosten wegens niet-tijdige besluitvorming.