ECLI:NL:RBDHA:2024:785
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag vreemdelingenidentiteitsbewijs wegens ontbreken rechtmatig verblijf en ongewijzigde BRP-gegevens
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een vreemdelingenidentiteitsbewijs type W of W2, welke door de staatssecretaris is afgewezen. Eiseres voert aan dat zij onder de naam van haar zus rechtmatig verblijf heeft, maar wenst nu het identiteitsbewijs onder haar eigen naam te verkrijgen. De rechtbank stelt vast dat eiseres niet rechtmatig verblijft onder haar eigen naam en dat het niet is komen vast te staan dat zij en haar zus dezelfde persoon zijn.
De rechtbank benadrukt dat wijziging van persoonsgegevens in de Basisregistratie Personen (BRP) uitsluitend kan plaatsvinden via het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar eiseres woont. Eiseres heeft nagelaten haar identiteit in de BRP te laten wijzigen, ondanks meerdere verzoeken en een lopende procedure bij de gemeente. De staatssecretaris is niet bevoegd deze wijziging zelf door te voeren.
Het beroep op artikel 3.97 van het Vreemdelingenbesluit 2000, dat intrekking van verblijfsvergunningen na twaalf jaar onjuist verstrekte gegevens uitsluit, faalt omdat het hier gaat om weigering van een document, niet intrekking. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en wijst het griffierecht en proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat haar rechtmatig verblijf niet is vastgesteld en haar identiteitsgegevens niet zijn gewijzigd in de BRP.