ECLI:NL:RBDHA:2024:744
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvragen in verlengde procedure
Verzoekers hebben twee afzonderlijke besluiten van 26 oktober 2023 aangevochten waarin hun asielaanvragen in de verlengde asielprocedure als kennelijk ongegrond zijn afgewezen door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Zij hebben hiertegen beroepen ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. In samenhang met de uitspraak in de zaken NL23.34511 en NL23.34518, waarin de beroepen van verzoekers zijn behandeld, worden de verzoeken om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter S.E. van de Merbel en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvragen wordt afgewezen.