ECLI:NL:RBDHA:2024:7409
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure Frankrijk
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van de aanvraag op grond van de Dublinverordening.
Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 9 april 2024 behandeld, waarbij verzoeker niet is verschenen maar door zijn gemachtigde werd vertegenwoordigd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat de hoofdzaak inmiddels is behandeld en een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 16 april 2024 en is definitief, hoger beroep of verzet is uitgesloten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.