Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2024:7285

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
14 mei 2024
Publicatiedatum
14 mei 2024
Zaaknummer
C/09/666025 / KG RK 24- 683
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verschoning
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verschoningsverzoek rechter wegens persoonlijke kennissenkring

In deze zaak heeft de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank Den Haag op 14 mei 2024 een verzoek tot verschoning van een rechter behandeld. Het verzoek werd gedaan in het kader van een civiele procedure die op 4 juni 2024 gepland staat voor behandeling.

Het verzoek tot verschoning is gebaseerd op het feit dat een procesdeelnemer deel uitmaakt van de persoonlijke kennissenkring van de rechter, wat aanleiding geeft tot een schijn van partijdigheid. De kamer overwoog dat hoewel rechters geacht worden onpartijdig te zijn, uitzonderlijke omstandigheden zoals deze aanleiding kunnen geven tot een terechte vrees voor vooringenomenheid.

De kamer heeft het verzoek toegewezen om de schijn van partijdigheid te vermijden. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak wordt overgenomen door een andere rechter en wordt voortgezet in de stand waarin de procedure zich bevond op het moment van het verzoek. Een afschrift van deze beslissing is toegezonden aan alle betrokken partijen.

Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter is toegewezen en de hoofdzaak wordt door een andere rechter voortgezet.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Verschoningskamer
Verschoningsnummer: 2024/07
Zaak-/rekestnummer: C/09/666025 / KG RK 24- 683
Beslissing van 14 mei 2024
van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van
mr. C.S.F. de Nijs,
rechter in de rechtbank Den Haag,
hierna: de rechter,
belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk C/09/655477 FA RK 23/7542 van:
[verzoekster 1] en [verzoekster 2] ,
wonende te [woonplaats 1] ,
verzoeksters,
bijgestaan door mr. I.G.M. van Gorkum, advocaat te Den Haag,
tegen
[verweerder] ,
wonende te [woonplaats 2] ,
verweerder.

1.De procedure

1.1.
Het verschoningsverzoek is gedaan in bovenstaande procedure die op 4 juni 2024 op zitting zal worden behandeld.
1.2.
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.

2.Het verschoningsverzoek

2.1.
De rechter heeft het verschoningsverzoek op het volgende gebaseerd:
☒ een procesdeelnemer maakt onderdeel uit van de persoonlijke kennissenkring van
de rechter.

3.De beoordeling

3.1.
Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.
3.2.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.

4.De beslissing

De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verzoek tot verschoning toe;
4.2.
bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
4.3.
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* verzoeksters, p/a mr. I.G.M. van Gorkum;
* verweerder.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 14 mei 2024 door mrs. S.M. Krans, A.M.A. Keulen en S.M. Westerhuis-Evers in tegenwoordigheid van de griffier.