Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Is er in strijd gehandeld met artikel 5.3 van het Vb?
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is op 1 januari 2024 overgenomen en opgehouden aansluitend aan zijn strafrechtelijke detentie. Verweerder heeft op die datum een maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, vanwege risico's dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou ontwijken.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding gedaan. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser de genoemde zware en lichte gronden voor de bewaring niet heeft betwist en dat verweerder terecht de maatregel heeft opgelegd. Eiser stelde dat de maatregel niet schriftelijk in een taal die hij verstaat was uitgereikt, in strijd met artikel 5.3 van het Vreemdelingenbesluit.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aan de informatieplicht heeft voldaan: de maatregel is uitgereikt, de gronden zijn met behulp van een tolk toegelicht, en eiser heeft een informatiefolder in het Frans ontvangen, een taal die hij ook verstaat. Tijdens de zitting is eiser op eigen verzoek in het Nederlands gehoord zonder tolk, wat bevestigt dat hij de Nederlandse taal voldoende beheerst.
De rechtbank concludeert dat de maatregel rechtmatig is opgelegd en voortduurt, wijst het beroep ongegrond en het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.