ECLI:NL:RBDHA:2024:6474
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na inwilliging asielaanvraag
Verzoekster had beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag. Nadat de Staatssecretaris alsnog een inwilligend besluit nam op 25 maart 2024, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelt dat de Staatssecretaris tegemoet is gekomen aan het beroep en op grond van artikel 8:75a Awb de proceskostenveroordeling toewijst. Omdat verzoekster een professionele juridische hulpverlener inschakelde en de zaak van licht gewicht is, wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank bepaalt de proceskostenvergoeding op € 437,50, gebaseerd op een puntwaarde van € 875,- en de wegingsfactor. Er zijn geen overige kosten die vergoed kunnen worden. De uitspraak is zonder zitting gedaan.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 437,50 aan proceskosten aan verzoekster.