ECLI:NL:RBDHA:2024:6177
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs medeplegen diefstal en afpersing
Op 12 juli 2023 vond in het centrum van Den Haag een incident plaats waarbij de aangever verwondingen opliep en goederen werden weggenomen. Verdachte werd beschuldigd van diefstal door twee of meer verenigde personen en subsidiair afpersing, waarbij geweld was gebruikt of ermee werd gedreigd.
Tijdens de terechtzittingen op 10 januari, 28 maart en 10 april 2024 heeft de rechtbank alle standpunten gehoord. De officier van justitie vorderde gedeeltelijke bewezenverklaring van diefstal door medeplegen en een gevangenisstraf van twee maanden, terwijl de verdediging volledige vrijspraak bepleitte.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende is om vast te stellen dat verdachte daadwerkelijk goederen heeft weggenomen of een nauwe en bewuste samenwerking met medeverdachte heeft gehad. Ook kon niet worden bewezen dat verdachte geweld heeft gebruikt of ermee heeft gedreigd. De verwondingen van de aangever kunnen ook door een val zijn veroorzaakt.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten, waaronder diefstal door twee of meer verenigde personen en afpersing. De vereiste nauwe samenwerking voor medeplegen was niet wettig en overtuigend bewezen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen diefstal en afpersing met geweld.