ECLI:NL:RBDHA:2024:5659
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep niet tijdig beslissen asielaanvraag
Opposante diende op 11 januari 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 24 september 2022. De rechtbank had dit beroep op 11 april 2023 niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift te vroeg zou zijn ingediend, namelijk één dag vóór het verstrijken van de termijn na ingebrekestelling van 27 december 2023.
In het verzet beoordeelde de rechtbank of deze niet-ontvankelijkverklaring terecht was. Opposante stelde dat het beroepschrift juist tijdig was ingediend, omdat de termijn van 14 dagen na ingebrekestelling op 10 januari 2024 eindigde en het beroepschrift op 11 januari 2024 werd ingediend.
De rechtbank oordeelde dat het beroep niet kennelijk niet-ontvankelijk was en verklaarde het verzet gegrond. Hierdoor vervalt de eerdere buiten-zittinguitspraak en wordt het onderzoek hervat in de stand van voor die uitspraak. Tevens werden de proceskosten van €437,50 aan opposante toegekend.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek naar het beroep wordt hervat.