ECLI:NL:RBDHA:2024:5171
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in vreemdelingenzaak na beslissing op beroep
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd om de beroepsprocedure in Nederland te mogen afwachten na een besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar bezwaar ongegrond werd verklaard.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om griffierechtvrijstelling definitief toegewezen op grond van de door verzoekster verstrekte inkomensgegevens.
Echter, aangezien de rechtbank inmiddels een uitspraak heeft gedaan op het hoofdberoep waar dit verzoek betrekking op had, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank inmiddels op het hoofdberoep heeft beslist.