ECLI:NL:RBDHA:2024:5137
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning familie en gezin
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning met het verblijfsdoel 'familie en gezin'. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft dit verzoek op 15 december 2023 afgewezen. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening op 12 maart 2024 behandeld, samen met gerelateerde zaken van de echtgenoot van verzoekster. Verzoekster, haar gemachtigde en een tolk waren aanwezig, evenals de gemachtigde van de staatssecretaris.
Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in het hoofdberoep (zaaknummer NL24.984), acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer nodig en wijst het verzoek af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoofdberoep reeds is behandeld en uitspraak is gedaan.