ECLI:NL:RBDHA:2024:4600
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen terugkeerbesluit wegens onrechtmatig verblijf in Nederland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het terugkeerbesluit van 26 juni 2023, waarin de staatssecretaris heeft vastgesteld dat eiser onrechtmatig in Nederland verblijft en is opgedragen Nederland en het EU-grondgebied te verlaten.
De rechtbank heeft het beroep behandeld op 12 maart 2024, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht heeft vastgesteld dat eiser niet rechtmatig verblijft, mede omdat eiser na binnenkomst via Spanje de EU niet heeft verlaten binnen de toegestane termijn en geen verblijfsvergunning bezit.
Eiser stelde dat de Spaanse autoriteiten bevoegd zijn om het verblijfsrecht te bepalen en dat nader onderzoek naar zijn status in Spanje had moeten plaatsvinden. De rechtbank verwijst naar jurisprudentie van de Raad van State en stelt dat de staatssecretaris niet verplicht is overleg te voeren met andere lidstaten of nader onderzoek te doen als eiser zelf verklaart geen verblijfsvergunning te hebben.
De rechtbank wijst ook het argument af dat een inreisverbod onterecht zou zijn opgelegd, aangezien dit niet het geval is. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor eiser geen griffierecht of proceskosten vergoed krijgt.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.