ECLI:NL:RBDHA:2024:4395
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing uitstel van vertrek wegens medische situatie na arrest HvJEU
Eiseres, een Venezolaanse vrouw met een medische voorgeschiedenis van borstkanker, verzocht om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank hield de behandeling van het beroep aan in afwachting van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) in zaak C-69/21, arrest X.
Na het arrest wijzigde verweerder het beleid en vroeg opnieuw advies aan het Bureau Medische Advisering (BMA). Eiseres weigerde echter de benodigde toestemmingsverklaring voor het verstrekken van medische gegevens te ondertekenen, waardoor het BMA geen advies kon uitbrengen. Verweerder stelde dat dit voor rekening van eiseres kwam en handhaafde het besluit tot afwijzing van het uitstel van vertrek.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit niet meer houdbaar was in het licht van arrest X en de beleidswijziging, waardoor het beroep gegrond is. Desondanks bleef de afwijzing van het verzoek om uitstel van vertrek in stand, omdat het BMA geen nieuw advies kon uitbrengen door het ontbreken van medische gegevens. De rechtbank veroordeelde verweerder tot betaling van proceskosten aan eiseres en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand wegens ontbreken van een nieuw medisch advies.