ECLI:NL:RBDHA:2024:4269
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet-tijdig beslissen asielaanvraag wegens prematuur ingebrekestelling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op zijn asielaanvraag, die hij op 31 augustus 2022 in Nederland indiende. Eerder had hij een verzoek ingediend in Italië, een andere Dublin-lidstaat. Na een terugnameverzoek aan Italië op 18 oktober 2022 werd eiser niet binnen de overdrachtstermijn overgedragen.
Op 29 juni 2023 werd eiser door de Immigratie- en Naturalisatiedienst toegelaten tot de nationale procedure, waardoor Nederland verantwoordelijk werd voor de asielbehandeling. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou op 29 december 2023 eindigen, maar met de verlenging van negen maanden door de WBV 2022/22 eindigt deze pas op 29 september 2024.
Eiser diende op 10 december 2023 een ingebrekestelling in, maar dit was te vroeg omdat de beslistermijn nog niet verstreken was. De rechtbank oordeelt dat aan de vereisten van artikel 6:12 Awb Pro niet is voldaan en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.