ECLI:NL:RBDHA:2024:420
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een vreemdeling met de Surinaamse nationaliteit, maakte bezwaar tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank had deze maatregel reeds eerder getoetst en verklaard rechtmatig tot 22 november 2023. Het beroep richt zich op de periode daarna.
Eiser stelde dat de overheid onvoldoende voortvarend handelde, met name ten aanzien van onderzoek naar zijn mogelijke verblijfsrecht in België. De rechtbank oordeelde dat eiser dit verblijfsrecht niet had onderbouwd en verwees naar een eerdere uitspraak waarin dit reeds was vastgesteld. Daarnaast bleek uit het dossier dat eiser zelf de voortgang van zijn uitzetting naar Suriname belemmerde door niet te verschijnen bij een vertrekgesprek.
De rechtbank concludeerde dat er geen aanwijzingen waren dat de maatregel van bewaring onrechtmatig was in de relevante periode. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard.