ECLI:NL:RBDHA:2024:386
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling met Algerijnse nationaliteit ongegrond verklaard
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een Algerijnse vreemdeling tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 1 september 2023 was opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was eerder getoetst in een uitspraak van 13 december 2023, zodat nu alleen het voortduren sinds dat moment werd beoordeeld.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende voortvarend werkt aan de uitzetting van eiser naar Algerije. Er was een laissez-passer verstrekt, een vluchtakkoord tot stand gekomen en een vlucht met escorts geboekt voor 31 januari 2024. Eiser werkte niet volledig mee aan zijn terugkeer, onder meer door niet te verschijnen bij een geplande presentatie bij de Algerijnse autoriteiten.
De rechtbank zag geen aanleiding om de belangenafweging in het voordeel van eiser uit te laten vallen, mede omdat eiser eerder verklaarde de Marokkaanse nationaliteit te hebben en de langere duur van de bewaring daardoor voor zijn rekening komt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard.