ECLI:NL:RBDHA:2024:3766
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen in vreemdelingenrecht
Eiser, van Syrische nationaliteit, had eerder een beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag, waarbij de rechtbank de staatssecretaris opdroeg binnen een termijn te beslissen en een dwangsom oplegde bij overschrijding.
Op 17 januari 2024 stelde eiser opnieuw beroep in tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank beoordeelde dit beroep zonder zitting en stelde vast dat de termijn voor het nemen van een besluit en de dwangsomtermijn nog niet waren verstreken op het moment van het tweede beroep.
Omdat de dwangsomtermijn nog niet was volgelopen en er geen besluit was genomen, kon eiser met het tweede beroep geen gunstigere rechtspositie bereiken. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak is gedaan door rechter N.M. van Waterschoot en griffier A.J. Kinds, en is in het openbaar bekendgemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard omdat de dwangsomtermijn nog niet was verstreken.