ECLI:NL:RBDHA:2024:3764
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid opvolgend beroep tegen niet tijdig beslissen in vreemdelingenrecht
Eisers, allen van Syrische nationaliteit, hadden eerder een beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag. De rechtbank had de staatssecretaris toen opgedragen binnen acht weken te beslissen en een dwangsom opgelegd voor elke dag overschrijding.
Op 12 januari 2024 dienden eisers een nieuw beroep in tegen hetzelfde niet tijdig beslissen. De rechtbank overwoog dat volgens landelijke richtlijnen opvolgende beroepen tegen niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk zijn zolang de eerste dwangsom nog niet is volgelopen. Dit voorkomt dat meerdere dwangsommen tegelijk worden opgelegd en beschermt de rechtskracht van de eerste uitspraak.
De rechtbank oordeelde dat het nieuwe beroep daarom niet-ontvankelijk is en wees proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter N.M. van Waterschoot en is zonder zitting gewezen.
Uitkomst: Het opvolgend beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard omdat de eerste dwangsomperiode nog niet was verstreken.