ECLI:NL:RBDHA:2024:3447
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag El Salvador wegens onvoldoende individuele risico's
Eiser, een Salvadoriaanse nationaliteit dragende persoon, diende op 30 november 2021 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees deze aanvraag op 8 juni 2023 af als ongegrond. De rechtbank behandelde het beroep op 16 januari 2024.
Eiser stelde dat zijn familie vanwege bedreigingen en politieke inmenging in El Salvador moest vertrekken. Zijn moeder werd bedreigd vanwege politieke uitingen, en zijn vader ondervond verdachte transacties. Eiser vreesde voor zijn veiligheid en die van zijn familie bij terugkeer, mede door de noodtoestand en het bendegeweld in El Salvador.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen over identiteit en vrees voor bendes geloofwaardig waren, maar dat de problemen met het werk van de vader en bedreigingen van de moeder onvoldoende geloofwaardig en onvoldoende geïndividualiseerd waren. Er was geen concreet risico op ernstige schade gericht op eiser zelf aangetoond.
De rechtbank concludeerde dat de algemene situatie in El Salvador onvoldoende grond is voor een verblijfsvergunning en verklaarde het beroep ongegrond. Het bestreden besluit blijft van kracht en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft van kracht.