ECLI:NL:RBDHA:2024:308
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak op beroep
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 28 november 2023 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 11 januari 2024 te Groningen. Op dezelfde dag deed de rechtbank uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.37973), waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening verviel.
De voorzieningenrechter besloot daarom het verzoek om voorlopige voorziening af te wijzen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.