ECLI:NL:RBDHA:2024:2434
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag tot verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 19 december 2023 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen is beroep ingesteld bij de rechtbank.
Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd om het bestreden besluit te schorsen. Op 1 februari 2024 vond de zitting plaats waarbij verzoeker, zijn gemachtigde en een tolk aanwezig waren, evenals de gemachtigde van de staatssecretaris.
De voorzieningenrechter overweegt dat de hoofdzaak (zaaknummer NL23.39792) reeds is behandeld en dat een voorlopige voorziening daarom niet meer nodig is. Om die reden wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.