ECLI:NL:RBDHA:2024:2313
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek minderjarige Somalische jongen wegens ongeloofwaardig gevaar van Al-Shabaab
Een minderjarige Somalische jongen diende een asielaanvraag in na vermeende bedreigingen door Al-Shabaab vanwege zijn getuigenis over een moord door deze groepering. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de vrees voor Al-Shabaab.
De rechtbank oordeelt dat de verklaringen over de bedreigingen en het gevaar onvoldoende onderbouwd zijn. Zo is niet aannemelijk dat Al-Shabaab de jongen daadwerkelijk zoekt, mede omdat de moeder slechts enkele telefoontjes ontving en er geen fysieke benadering plaatsvond. Ook is het ongerijmd dat de moeder aan derden zou doorvertellen dat haar zoon gezocht wordt, omdat dit het gevaar zou vergroten.
De rechtbank stelt dat het referentiekader van de minderjarige voldoende is meegewogen en dat het voordeel van de twijfel niet geldt omdat het asielrelaas niet geloofwaardig is. De aanvraag is daarom terecht afgewezen en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de minderjarige Somalische asielzoeker wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende aannemelijk gevaar van Al-Shabaab.