ECLI:NL:RBDHA:2024:22258
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding wegens ontbreken professionele hulpverlener
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen de afwijzing van een visum kort verblijf. Nadat verweerder alsnog een beschikking heeft gegeven, trok verzoekster het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank overweegt dat alleen kosten gemaakt door een professionele juridische hulpverlener vergoed kunnen worden. Omdat verzoekster geen advocaat of vergelijkbare gemachtigde heeft, zijn er geen vergoedbare kosten.
De rechtbank wijst daarom het verzoek om proceskostenvergoeding af, maar wijst erop dat verweerder het betaalde griffierecht van €184,- moet vergoeden volgens artikel 8:41, zevende lid, van de Awb.
De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier T. Rommes op 2 oktober 2024.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat geen professionele juridische hulpverlener is ingeschakeld.