Eiser, een Soedanese nationaliteit bewerend, is Nederland binnengekomen met een echt bevonden Tsjadisch paspoort dat hij frauduleus zou hebben verkregen. Verweerder wees zijn asielaanvraag af omdat eiser volgens hem niet aannemelijk had gemaakt dat het paspoort frauduleus was verkregen. De rechtbank beoordeelt of eiser aan zijn inspanningsverplichting heeft voldaan om contact te leggen met de Tsjadische autoriteiten.
Eiser heeft een afspraak gemaakt bij de ambassade van Tsjaad in Brussel om zijn nationaliteit te bevestigen, maar verweerder weigerde het transport te faciliteren. De rechtbank stelt vast dat eiser voldoende inspanningen heeft geleverd door contact te zoeken en een afspraak te maken, en dat verweerder op grond van de samenwerkingsplicht zelf contact had moeten opnemen met de Tsjadische autoriteiten en het vervoer regelen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld door dit niet te doen en dat het bestreden besluit daarom in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel. Het besluit wordt vernietigd en verweerder krijgt acht weken de tijd om een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en eiser krijgt een proceskostenvergoeding toegekend.