ECLI:NL:RBDHA:2024:2203
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
De eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielaanvraag volgens de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep op 6 februari 2024 behandeld en beoordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waardoor Nederland mag aannemen dat Zwitserland zijn internationale verplichtingen nakomt. Hoewel eiser stelde dat racisme en discriminatie in Zwitserland een nadelige behandeling van hem zouden veroorzaken, heeft hij dit onvoldoende aannemelijk gemaakt.
De rechtbank overweegt dat de Zwitserse autoriteiten de problemen erkennen en maatregelen nemen tegen discriminatie. Eiser heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat klagen over schendingen in Zwitserland onmogelijk is. Daarnaast heeft eiser in het gehoor geen concrete verklaringen gegeven over slechte behandeling in Zwitserland, zodat artikel 17 van Pro de Dublinverordening niet van toepassing is.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris blijft in stand. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.