ECLI:NL:RBDHA:2024:21964
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stellen asielaanvraag
Verzoeker heeft tegen het besluit van 3 oktober 2024, waarbij zijn asielaanvraag buiten behandeling is gesteld, beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Op 18 december 2024 is reeds mondeling uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.39464).
Gezien deze omstandigheden wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is op 19 december 2024 gedaan en er staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag is afgewezen.