Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van 29 augustus 2024, waarbij zijn asielaanvraag in de algemene procedure als kennelijk ongegrond is afgewezen door de minister van Asiel en Migratie. Tegen dit besluit is beroep ingesteld bij de rechtbank.
Op 17 december 2024 heeft de voorzieningenrechter uitspraak gedaan over het verzoek om een voorlopige voorziening. Omdat op diezelfde dag in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.34295) reeds een uitspraak is gedaan, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is onherroepelijk, aangezien tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.