Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam],
[naam],
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Overwegingen
24 september 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De minister heeft op 4 december 2024 een verweerschrift ingediend.
Beoordeling door de rechtbank
4 maart 2026. [1] De beslistermijn van de aanvragen van de vreemdelingen, zoals eisers, die onder deze Richtlijn vallen, is daarmee opgeschort tot - in ieder geval - 4 maart 2026. De ingebrekestelling is door eisers ingediend op 5 september 2024. Op dat moment was de wettelijke beslistermijn nog niet aangevangen en evenmin verstreken. De ingebrekestelling van eisers is daarmee prematuur ingediend en is niet geldig. Zonder geldige ingebrekestelling kan geen beroep wegens niet tijdig beslissen worden ingediend.