Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap,
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het inleidende verzoek en het verweer
4.De beoordeling
5.De beslissing
€ 543,-;
Rechtbank Den Haag
Het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap (BAO) verzocht de rechtbank Den Haag om de arbeidsovereenkomst met een werknemer te ontbinden wegens verwijtbaar handelen en/of een verstoorde arbeidsverhouding. BAO stelde dat de werknemer onder meer hiërarchische verhoudingen niet respecteerde, taken naliet en terughoudend was met kantoorwerk na corona. De werknemer betwistte deze gronden en verwierp het ontbindingsverzoek.
De kantonrechter overwoog dat, ondanks culturele verschillen tussen België en Nederland, de gedragingen van de werknemer onvoldoende ernstig en samenhangend waren om te spreken van verwijtbaar handelen. Ook was onvoldoende gebleken dat de arbeidsverhouding daadwerkelijk verstoord was; de communicatie tussen werknemer en leidinggevende was zakelijk en het kantoor functioneerde naar behoren.
De combinatiegrond van verwijtbaar handelen en verstoorde arbeidsverhouding werd eveneens niet als voldragen ontslaggrond erkend. Gezien het lange dienstverband van 23 jaar benadrukte de kantonrechter de complexiteit van de situatie binnen een kleine organisatie met slechts twee medewerkers.
Uiteindelijk wees de rechtbank het ontbindingsverzoek af en veroordeelde BAO tot betaling van de proceskosten van de werknemer.
Uitkomst: Het ontbindingsverzoek van BAO wordt afgewezen wegens onvoldoende verwijtbaarheid en verstoorde arbeidsverhouding.