Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de Minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen een maatregel van bewaring opgelegd door de Minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet. De eiser voerde aan dat de informatieplicht niet correct was nageleefd, mede gelet op een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak die verweerder een termijn van zes maanden gaf om de werkwijze aan te passen.
De rechtbank constateerde dat deze termijn nog niet was verstreken en dat het niet voldoen aan de informatieplicht slechts tot onrechtmatigheid leidt indien de belangen van bewaring niet in redelijke verhouding staan tot het gebrek. De belangenafweging viel in het voordeel van verweerder uit. De rechtbank oordeelde dat de zware gronden voor bewaring, waaronder het risico op onderduiken en het bestaan van een concreet aanknopingspunt voor overdracht op grond van de Dublinverordening, feitelijk juist en voldoende waren.
De overige gronden werden niet betwist door eiser. Ambtshalve toetsing leidde niet tot onrechtmatigheid van de maatregel. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter E.F. Bethlehem op 28 november 2024 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.