ECLI:NL:RBDHA:2024:19220
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn asielaanvraag
Verzoeker heeft op 16 januari 2024 beroep ingesteld tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat niet tijdig was beslist op zijn asielaanvraag. Nadat verzoeker in beroep was gegaan, heeft de Staatssecretaris op 13 februari 2023 alsnog besloten de aanvraag in te willigen. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht de rechtbank om de proceskosten te vergoeden.
De rechtbank overweegt dat verweerder geen bezwaar maakt tegen vergoeding van de proceskosten. Omdat de beslissing pas na het instellen van het beroep is genomen, is vergoeding van proceskosten op zijn plaats. Gelet op het Besluit proceskosten bestuursrecht en het feit dat verzoeker een professionele juridische hulpverlener inschakelde, wordt een vast bedrag toegekend. Vanwege het beperkte geschilpunt (alleen overschrijding beslistermijn) wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 437,50 aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier N. Khalloufi op 11 april 2024, zonder zitting.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 437,50 aan verzoeker wegens overschrijding van de beslistermijn.