Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Inleiding
Het asielrelaas
Het bestreden besluit
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, van Moldavische nationaliteit en behorend tot de Roma-gemeenschap, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens vermeende discriminatie in Moldavië. Zij stelde dat haar analfabetisme en etnische achtergrond haar sociaal en maatschappelijk functioneren ernstig belemmerden, waardoor zij geen werk kon vinden en geen bestaansmogelijkheden had.
De minister erkende de discriminatie van Roma in Moldavië, maar vond niet dat eiseres voldoende had aangetoond dat deze discriminatie haar zo ernstig beperkte dat zij onmogelijk kon functioneren. De minister achtte haar verklaringen deels geloofwaardig, maar betwijfelde het directe verband met haar etniciteit en wees op het ontbreken van uitsluiting van het maatschappelijk leven.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende bewijs leverde dat haar beperkingen verband hielden met haar Roma-afkomst en dat zij geen persoonlijke problemen had ervaren vanwege haar etniciteit. Ook het aangevoerde rapport ondersteunde niet de stelling dat de Moldavische autoriteiten niet bereid of in staat waren haar te helpen. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde de afwijzing van de asielaanvraag.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs van ernstige discriminatie.