Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Surinaamse nationaliteitdragende man, diende op 17 november 2022 een asielaanvraag in in Nederland. Hij stelde dat hij vanwege problemen veroorzaakt door de ex-echtgenoot van zijn echtgenote in Suriname niet veilig kon terugkeren. Deze ex-echtgenoot zou onder meer gewapende mannen inzetten en zijn gezin intimideren.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende concrete en onderbouwde aanwijzingen had geleverd om het causale verband tussen de ex-echtgenoot en de ervaren problemen aannemelijk te maken. De verklaringen van derden waren niet objectief verifieerbaar en eiser had geen onderzoek gedaan naar deze verklaringen. Ook was niet aannemelijk dat eiser geen bescherming van de Surinaamse autoriteiten kon krijgen.
Verder werd geoordeeld dat eiser geen verschoonbare reden had voor het late indienen van zijn asielaanvraag en dat het eerdere terugkeerbesluit rechtsgeldig was opgelegd. Het inreisverbod was daarmee ook terecht opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit en inreisverbod blijven van kracht.