Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie met producties 1 tot en met 18;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Partijen sloten een aannemingsovereenkomst voor de verbouwing van appartementen, met een overeengekomen opleverdatum die door vertragingen niet werd gehaald. Na aansluiting op nutsvoorzieningen bleef het werk onvoltooid. De opdrachtgever stelde de aannemer in gebreke en vorderde vervangende schadevergoeding en kosten van inspecties.
De aannemer factureerde meerwerk dat niet vooraf was overeengekomen, waardoor betaling daarvan werd betwist. De rechtbank oordeelde dat de aannemer geen opschortingsrecht had en in verzuim was gekomen na een ingebrekestelling. De vervangende schadevergoeding werd vastgesteld op circa €31.414, evenals toewijzing van de redelijke kosten van een latere inspectie.
Andere vorderingen, zoals kosten van een eerdere inspectie, herstel van zonnepanelen en voorschot wegens huurderving, werden afgewezen wegens onvoldoende bewijs of causaliteit. De aannemer werd veroordeeld tot betaling van het toegewezen bedrag en de proceskosten, met wettelijke rente vanaf de datum van verzuim.
Uitkomst: De aannemer wordt veroordeeld tot betaling van vervangende schadevergoeding en onderzoekskosten, terwijl overige vorderingen worden afgewezen.