Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 875 (achthonderdvijfenzeventig euro).
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde beroep in tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie waarin het bezwaar tegen de afwijzing van een aanvraag voor een EU/EER verblijfsdocument niet-ontvankelijk werd verklaard. Vervolgens verklaarde de minister het bezwaar alsnog gegrond. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat de minister met het besluit van 13 maart 2024 aan het beroepschrift tegemoet was gekomen, waardoor het verzoek tot proceskostenvergoeding kennelijk gegrond was. De rechtbank veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten ad € 875, gebaseerd op een puntensysteem voor rechtsbijstand.
Daarnaast wees de rechtbank erop dat de minister verplicht is het door verzoeker betaalde griffierecht van € 184 te vergoeden, waarvoor verzoeker zich rechtstreeks tot de minister moet wenden. De uitspraak werd gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier R. de Mul en openbaar gemaakt op 7 november 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker ad € 875.