Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd op 27 september 2024. De rechtbank toetst of de voortzetting van deze maatregel sinds 15 oktober 2024 rechtmatig is en of de belangenafweging door verweerder voldoende is geweest.
De rechtbank stelt vast dat de maatregel tot 15 oktober 2024 rechtmatig was en dat het beroep zich alleen richt op de periode daarna. De stelling van eiser dat het onderzoek eerder gesloten had moeten worden, wordt verworpen. Uit het voortgangsrapport blijkt dat op 4 oktober 2024 een verzwaarde belangenafweging heeft plaatsgevonden, ruim voor het verstrijken van de zesmaandstermijn.
Verder oordeelt de rechtbank dat verweerder voldoende voortvarend handelt in het kader van eisers uitzetting, ondanks diens gebrek aan medewerking en capaciteitsproblemen bij de overheid. Het vertrekgesprek van 2 oktober 2024 en de uitzettingsdatum van 6 november 2024 bevestigen dit. De maatregel van bewaring is ook ambtshalve getoetst en blijkt niet onrechtmatig. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.