ECLI:NL:RBDHA:2024:17422
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod met gebrekkige ondertekening
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op 2 mei 2024.
Eiser stelde dat het besluit niet rechtsgeldig was omdat het niet was ondertekend en dat het inreisverbod onvoldoende was gemotiveerd. De rechtbank oordeelde dat ondertekening geen wettelijk vereiste is voor de geldigheid van het besluit en dat het gebrek aan ondertekening kon worden gepasseerd omdat eiser niet in zijn belangen was geschaad. De minister had het besluit bovendien op 3 juni 2024 opnieuw ondertekend.
Verder was het inreisverbod terecht opgelegd omdat eiser de vrije termijn met meer dan negentig dagen had overschreden. De rechtbank beperkte zich tot de beoordeling van het terugkeerbesluit en het inreisverbod en liet de beroepsgronden tegen de ophouding buiten beschouwing omdat daartegen geen afzonderlijk beroep was ingesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en veroordeelde de minister in de proceskosten van € 875,- wegens het ingediende beroepschrift.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en de minister wordt veroordeeld in de proceskosten.