ECLI:NL:RBDHA:2024:16686
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Buitenbehandelingstelling opvolgende asielaanvraag wegens ontbreken essentiële documenten
Eiser, een Russische asielzoeker, diende op 22 mei 2024 een opvolgende asielaanvraag in. Verweerder stelde deze aanvraag buiten behandeling omdat het formulier M35-O niet volledig was ingevuld en essentiële originele documenten met vertaling ontbraken. Eiser werd in de gelegenheid gesteld om de ontbrekende informatie aan te vullen, maar deed dit niet volledig.
Eiser voerde aan dat hij door omstandigheden gedwongen was opnieuw een aanvraag in te dienen en dat de kopieën van documenten voldoende zouden moeten zijn. Ook stelde hij dat zijn medische situatie onvoldoende werd meegewogen. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht handelde op grond van artikel 30c van de Vreemdelingenwet 2000 en dat de ontbrekende originele documenten van wezenlijk belang zijn voor de beoordeling van de aanvraag.
De rechtbank verwierp het beroep van eiser, onder meer omdat de pas in beroep overgelegde documenten niet in de beoordeling konden worden betrokken. Tevens achtte de rechtbank het beroep op eerdere jurisprudentie niet relevant voor deze casus. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de buitenbehandelingstelling van de opvolgende asielaanvraag.