ECLI:NL:RBDHA:2024:1660
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na afwijzing asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn asielaanvraag op 22 november 2023 als kennelijk ongegrond is afgewezen. Tegelijkertijd heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen om het besluit tijdelijk te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft buiten zitting, op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, uitspraak gedaan. Omdat de rechtbank reeds op hetzelfde moment uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL36877), acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en er staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.