ECLI:NL:RBDHA:2024:15400
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning zelfstandige
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor het verrichten van arbeid als zelfstandige werd afgewezen. Na de afwijzing van haar bezwaar heeft zij tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat vanwege de uitspraak in de hoofdzaak op 31 mei 2024, waarin het beroep is behandeld, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.