Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Zimbabwaanse asielzoekster, diende op 16 september 2022 een asielaanvraag in Zweden in. Nederland ontving hiervan kennis via Eurodac en stuurde op 17 mei 2024 een verzoek tot terugname aan Zweden, dat op 20 mei 2024 werd geaccepteerd. De minister van Asiel en Migratie nam daarom de asielaanvraag van eiseres niet in behandeling.
Eiseres voerde aan dat zij in Zweden slachtoffer is geworden van mensenhandel en mishandeling vanwege een overbelast systeem, waardoor terugkeer tot onevenredige hardheid zou leiden. Zij beroept zich op artikel 3 EVRM Pro, artikel 4 Handvest Pro en artikel 17 Dublinverordening Pro.
De rechtbank oordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat Zweden haar asielverzoek conform internationale verplichtingen zal behandelen. Er is geen aannemelijk bewijs dat zij bij overdracht een reëel risico loopt op schending van haar rechten. Ook ontbreken medische onderbouwingen van ernstige psychische gevolgen of aanwijzingen dat zij tot een bijzondere kwetsbare groep behoort.
De stellingen over mensenhandel zijn in deze Dublinprocedure niet relevant, aangezien dit alleen in een reguliere verblijfsvergunningsprocedure op humanitaire gronden wordt beoordeeld. Er is geen aangifte van mensenhandel ontvangen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.