ECLI:NL:RBDHA:2024:15019

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 augustus 2024
Publicatiedatum
23 september 2024
Zaaknummer
NL24.17739
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling proceskosten wegens niet-tijdige beslissing asielaanvraag

Verzoeker is op 23 april 2024 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De verweerder heeft op 24 april 2024 alsnog een beslissing genomen, waarna verzoeker het beroep introk en de rechtbank verzocht om de verweerder te veroordelen in de proceskosten.

De rechtbank oordeelt dat verweerder aan verzoeker tegemoet is gekomen door alsnog een besluit te nemen tijdens het beroep. De rechtbank veroordeelt verweerder daarom in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 437,50 op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht.

De rechtbank acht het beroep van licht gewicht omdat het uitsluitend ging om de overschrijding van de beslistermijn. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier D.D. Bijlhout en is op 16 augustus 2024 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De minister van Asiel en Migratie wordt veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten aan verzoeker.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.17739
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [verzoeker], V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. A.E. Martinez Linnemann),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,verweerder

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten. Verweerder heeft gereageerd op dit verzoek.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is.¹
2. De rechtbank kan een partij de proceskosten van de tegenpartij laten betalen.²
3. Verzoeker is op 23 april 2024 in beroep gegaan, omdat verweerder niet tijdig heeft beslist op zijn asielaanvraag. Op 24 april 2024 heeft verweerder alsnog een beslissing genomen. Verzoeker heeft daarna het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit ingetrokken en daarbij de rechtbank verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten.
4. De rechtbank stelt vast dat verweerder aan verzoeker tegemoet is gekomen door hangende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit alsnog een besluit op de aanvraag te nemen. De rechtbank veroordeelt verweerder daarom in de door verzoeker gemaakte proceskosten.
5. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 437,50. (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 875,- met een
1. Op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2 Op grond van artikel 8:75 en Pro 8:75a van de Awb en Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).
wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat het ingestelde beroep van licht gewicht is, omdat de zaak alleen gaat over de vraag of de beslistermijn is overschreden.

Beslissing

De rechtbank:
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 437,50.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, rechter, in aanwezigheid van D.D. Bijlhout, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 augustus 2024

Documentcode: [documentcode]

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.