ECLI:NL:RBDHA:2024:14841
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minister in proceskosten wegens niet-tijdige beslissing asielaanvraag
Verzoeker is op 25 maart 2024 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 28 november 2022. Tijdens het beroep heeft verweerder op 15 april 2024 alsnog een beslissing genomen, waarna verzoeker het beroep heeft ingetrokken en proceskostenvergoeding heeft gevorderd.
De rechtbank oordeelt dat het beroep licht van gewicht is, omdat het alleen ging over de vraag of de beslistermijn was overschreden. Partijen zijn niet uitgenodigd voor een zitting omdat dit niet nodig werd geacht.
De rechtbank stelt vast dat verweerder door het alsnog nemen van het besluit aan verzoeker is tegemoetgekomen en veroordeelt verweerder daarom in de proceskosten van verzoeker. De proceskosten worden vastgesteld op € 437,50 op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister van Asiel en Migratie in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 437,50 wegens het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.