ECLI:NL:RBDHA:2024:1458
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden in vreemdelingenzaak
Eiser, afkomstig uit Benin, heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar tegen een bestuursbesluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat eiser in het beroepschrift geen gronden heeft vermeld waarop hij het niet eens is met het bestreden besluit.
De rechtbank heeft eiser in een brief verzocht om binnen twee weken de ontbrekende beroepsgronden te herstellen, maar eiser heeft hieraan geen gehoor gegeven. Er is geen verontschuldiging voor het verzuim aangevoerd. Op grond van artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaren.
De rechtbank beoordeelt het beroep niet inhoudelijk, waardoor het bestreden besluit in stand blijft. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 9 februari 2024 door rechter F. Sijens.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en het niet tijdig herstellen daarvan.