ECLI:NL:RBDHA:2024:14451
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser diende een asielaanvraag in die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank behandelde het beroep op 5 september 2024, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen. De rechtbank oordeelde dat Duitsland terecht als verantwoordelijke lidstaat is aangewezen en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel van toepassing is. Eiser had onvoldoende onderbouwd dat hij problemen ondervond in Duitsland of dat hij niet adequaat medisch behandeld kon worden.
De rechtbank wees ook het beroep af dat artikel 17 van Pro de Dublinverordening niet was toegepast, omdat het bestreden besluit dit wel degelijk motiveerde en geen sprake was van onevenredige hardheid. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.