ECLI:NL:RBDHA:2024:14288
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Veroordeling COA in proceskosten wegens onterecht weigeren opvang asielzoekster
Verzoekster diende op 4 februari 2022 beroep in tegen het niet verlenen van opvang door het COA en vroeg om een voorlopige voorziening voor opvang.
Het COA gaf op 13 mei 2022 aan alsnog bereid te zijn opvang te verlenen, waarna verzoekster haar voorlopige voorziening introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het COA ten onrechte had aangenomen dat verzoekster beschikte over een geldige mvv voor studiedoeleinden, terwijl deze op dat moment niet meer geldig was. Ondanks verzoeken om opvang op 6 en 29 januari 2022 werd opvang op 30 januari geweigerd.
Daarom werd het COA veroordeeld tot betaling van proceskosten aan verzoekster, vastgesteld op €437,50 volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 5 september 2024 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het COA is veroordeeld tot betaling van €437,50 aan proceskosten wegens onterecht weigeren van opvang.