ECLI:NL:RBDHA:2024:14062

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 september 2024
Publicatiedatum
4 september 2024
Zaaknummer
NL24.32827
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vreemdelingenwet 2000
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen maatregel bewaring vreemdeling wegens gebrek aan procesbelang

Eiser, die de Marokkaanse nationaliteit heeft en in 1997 is geboren, heeft beroep ingesteld tegen een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000.

De rechtbank oordeelt dat het beroep onnodig is ingediend omdat dezelfde maatregel reeds in een andere zaak (nummer NL24.32747) is beoordeeld. Hierdoor ontbreekt voor partijen het belang bij een inhoudelijke behandeling van het beroep in deze zaak.

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Er is geen onderzoek ter zitting gehouden. De uitspraak is gedaan door rechter E.J. Govaers en openbaar gemaakt op 2 september 2024.

Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.32827

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser

V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. J.E. Groenenberg),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 24 juli 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Dit beroep moet tevens worden aangemerkt als een verzoek om toekenning van schadevergoeding.
De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft.

Overwegingen

1. Eiser stelt de Marokkaanse nationaliteit te hebben en te zijn geboren op [datum] 1997.
2. De rechtbank is van oordeel dat eiser het beroep onnodig heeft ingediend, omdat verweerder al op 20 augustus 2024 de rechtbank in kennis heeft gesteld van de inbewaringstelling van eiser. Omdat het beroep tegen de maatregel dat is ontstaan als gevolg van de door verweerder ingediende kennisgeving in de zaak met nummer NL24.32747 is beoordeeld, bestaat voor partijen geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. De rechtbank zal het beroep in de zaak met nummer NL24.32827 daarom niet-ontvankelijk verklaren.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
.
Deze uitspraak is gedaan op 2 september 2024 door mr. E.J. Govaers, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking.