Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met het verblijfsdoel verblijf als familie- of gezinslid. Nadat verweerder de mvv-aanvraag alsnog heeft ingewilligd, heeft verzoekster het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat verweerder geheel aan het beroep tegemoet is gekomen door alsnog het besluit te nemen. Op grond van artikel 8:75a van de Awb kan de rechtbank in dat geval de proceskosten toewijzen. De rechtbank stelt de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep.
Daarnaast moet verweerder het betaalde griffierecht vergoeden aan verzoekster. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van de proceskosten aan verzoekster. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 29 augustus 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van € 437,50 proceskosten aan verzoekster na inwilliging van de mvv-aanvraag wegens niet tijdig beslissen.