Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster had beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op het bezwaar tegen de afwijzing van haar en haar minderjarige kinderen hun aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met verblijfsdoel gezinslid bij een referent. Nadat verweerder alsnog een besluit nam, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aan verzoekster is tegemoetgekomen door alsnog een beslissing te nemen tijdens het beroep. Op grond van artikel 8:75a Awb kan de rechtbank in dat geval het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van proceskosten. De rechtbank stelt de proceskosten vast op €437,50, gebaseerd op één punt voor het indienen van het beroepschrift met een wegingsfactor 0,5 vanwege de beperkte aard van het beroep.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoekster. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier S. Mohandes en is zonder zitting gewezen op 27 augustus 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van €437,50 aan proceskosten aan verzoekster.