Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
- de eis in reconventie, met producties.
Rechtbank Den Haag
Eiser en gedaagde waren vennoten in een vennootschap onder firma (vof) die een Argentijns grillrestaurant exploiteerde. Na verslechtering van hun professionele relatie en ziekte van gedaagde, hebben partijen hun samenwerking willen beëindigen. Eiser heeft de vennootschapsovereenkomst opgezegd en vordert dat gedaagde meewerkt aan uitschrijving uit het handelsregister en overdracht van bedrijfscommunicatiemiddelen.
Gedaagde erkent de opzegging maar stelt dat geen beëindigingsovereenkomst is gesloten en vordert onder meer inzage in de boekhouding en terugbetaling van vermeende onrechtmatige onttrekkingen. De rechtbank stelt vast dat de vof met wederzijds goedvinden is ontbonden en dat eiser de onderneming voortzet. Gedaagde moet medewerking verlenen aan uitschrijving en overdracht van telefoon, e-mail en social media, en wordt verboden deze na overdracht te gebruiken.
De rechtbank wijst de reconventionele vorderingen van gedaagde af, oordeelt dat financiële afwikkeling in een bodemprocedure moet worden vastgesteld en veroordeelt gedaagde tot betaling van proceskosten. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan uitschrijving uit het handelsregister en overdracht van bedrijfscommunicatiemiddelen aan eiser.